Hoe weet een mens wanneer zij gelukkig is? Geluk lijkt me een relatief begrip, wat zich voor ieder mens anders manifesteert. Belangrijker vraag is dus: hoe weet ik wanneer ik gelukkig ben? En ook het tegenovergestelde: hoe weet ik dat het ongeluk dat ik voel te groot is om te dragen?

Mensen zijn kuddedieren. Sociale wezens. Groepsentiteiten. Connectiezoekers. Je zou het leven kunnen zien als een aaneenschakeling van momenten waarin je die constante drang om connectie met anderen te voelen najaagt, die connectie dan ook daadwerkelijk vindt, om het, in sommige gevallen, vervolgens weer kwijt te raken. Leven is een opsomming van vinden en verliezen. Van de gelukzaligheid der deler, en van teleurstelling.

Ik begrijp nooit zo goed waarom mensen die jarenlang een relatie hebben gehad, en er, zonder dat er zich iets dramatisch heeft afgespeeld zoals bijvoorbeeld een vreemdgaan, een punt achter zetten, het contact niet alleen verliezen, maar in sommige gevallen elkaar vanuit de diepste gronden van het hart gaan haten. Ik begrijp dat liefde en haat dicht bij elkaar liggen, althans, daar heb ik van horen zeggen, maar hoe kan het, wanneer je zoveel hebt gedeeld met elkaar en zo veel van elkaar gehouden hebt, dat je gevoel in het tegenovergestelde kan veranderen? Mijn ex-vriendjes hebben, op 1 na, een warm plekje in mijn hart, en hoewel ik sommige vaker zie dan anderen, ik gun ze niets dan goeds. En als ik ze tegen zou komen op straat, zou ik graag een kop muntthee of een wijntje met hen drinken op het terras in een lentezon, mits de boel dan weer open is.

Leven is loslaten. Vooral het loslaten van dingen en gevoelens die een negatieve impact op je hebben. Ik weiger om haatdragend te zijn, om boos te blijven, om vanuit wrok en wroeging te opereren. Dat is soms best een uitdaging, hoewel ik van nature geen kwaaie pier ben. Inmiddels weet ik ook waar die afkeer jegens woede vandaar komt, maar dat is weer een verhaal apart.

Maar goed, connectie dus. De laatste weken staan weer erg in het teken van het zoeken van die diepere verbinding met anderen. Succes lijkt uit te blijven. Volgens mij is het zoiets als zoeken naar je bril, het hele huis overhoop trekken en je afvragen waar je dat rotding nou gelaten hebt, om er vervolgens achter te komen dat je hem draagt, of in je haren hebt gezet. Het is vaak dichterbij dan je denkt, maar het blindstaren op het zoeken maakt dat je dat wat recht voor je staat niet ziet.

Hoe weet ik wanneer ik gelukkig ben? Soms denk ik dat ik een ander nodig heb om het me te vertellen. “Hey, Kris, volgens mij ben je nu gelukkig!”. Het is een spiegel die je wordt voorgehouden, het is een besef wat je zelf niet kan realiseren omdat je erin aan het verzuipen bent. Omdat het je longen langzaam vult en je niet meer kan ademhalen. Ook in geluk kan je verdrinken.

Ik wacht dan vaak op die hand die je eruit trekt. Zoals afgelopen weekend; wat als je door het ijs zakt, en het wak niet terug kan vinden? De kou zorgt al snel voor desoriƫntatie, en je bereid je al voor op de wisse dood. En dan volgt er die hulp. Het redden van je leven door een ander. Wacht ik daar op? Omdat ik te zwak ben om te zwemmen en te vechten? Wacht ik daar op? Omdat ik het gewoon niet kan zonder een ander? Soms heb je door je eigen ongewilde onvermogen, of je eigen stompzinnigheid, simpelweg hulp nodig.

In het boekje dat ik van de baas kreeg staat zo’n mooie:
“Wat is het dapperste dat je ooit hebt gezegd?”
“Help”

Om hulp vragen is moeilijk. Soms haast onmogelijk. Misschien is dat waarom ik die connectie najaag. Zelfs de zorgverleners die ik al wat langer ken, hoeven mijn “help” niet te horen. Ze horen aan mijn stem al dat ik in nood verkeer. Mijn ouders, mijn vriendje en sommigen van mijn vrienden hebben ook aan een oogopslag genoeg:”het gaat niet goed he? ik ben er”.

Voor mij is dat de essentie. De geluksformule van het leven. Het delen van een connectie en het elkaar helpen waar je kan. Een verbinding aangaan, hoe klein of hoe groot ook. Als het goed voelt, ga ervoor. Geluk is het enige dat verdubbelt wanneer je het deelt.

Kris Vesseur is componiste, schrijfster en theatermaakster. Iedere maand schrijft zij een blog over een thema rondom beschermd wonen. Ze is gediagnosticeerd met schizofrenie en woont zelf in een beschermde woonvorm. Haar werk is doorspekt met haar psychische kwetsbaarheden en wat dat met haar leven doet. Ze beschrijft het op zowel pijnlijke als hilarische wijze. Voor meer van haar werk kan je haar website ProductiefLabiel bezoeken.